Gegenwartslyrik aus Flandern und den Niederlanden. Zweisprachige Ausgabe.
Mitherausgeber: Jaap Grave und Bettina Noak.
Göttingen: Wallstein Verlag, 2007. ISBN 978-3-8353-0160-3

ö
In zweisprachiger Auswahl präsentiert die Anthologie Keine triste Isolde zehn niederländische und flämische Lyriker, die allesamt um 1990 herum debütierten und in ihren Heimatländern zu den bedeutendsten Poeeten gehören. Hier stellt sich jene Generation vor, die der Lyrik in den Niederlanden und Flandern in den vergangenen fünfzehn Jahren deutlich ihren Stempel aufgedrückt hat: sie nimmt sich selbst zwar nicht prinzipiell als Gruppe und/oder Strömung wahr, sucht jedoch die Auseinandersetzung mit einengehenden Konventionen und literarischen Altmeistern.
Ö
ö
ö
p
De weerbarstigheid van poëzie, de onmogelijkheid van een eenduidige betekenistoekenning,
is in alle tijden benadrukt, maar de manier waarop hedendaagse dichters uit Nederland
en Vlaanderen dat doen is typerend voor onze tijd. Om lezers te laten zien dat de vaste relatie
tussen taal en wereld een constructie is, confronteren ze hen met paradoxale metaforen,
herhalingen waarin telkens slechts kleine veranderingen zijn aangebracht of ze combineren
een hoog taalregister met alledaagse taal, ontleend aan bijvoorbeeld krantenberichten
of televisieprogramma’s. Ondanks alle twijfel die dichters hebben over de relatie
tussen taal en werkelijkheid, ontkomen ze niet aan taal. Tonnus Oosterhoff schrijft
in een essay dat taal mensen opsluit in een rigide korset, in een manier van denken
die hen dwingt te communiceren over een gereduceerde wereld. Maar het gaat
er juist om deze reductie te bevragen, misschien ook wel om de gevolgen ervan
in te dammen. In het beste geval geven de auteurs hun lezers dan een idee van de grootte
van de wereld die hen omgeeft. | KEINE TRISTE ISOLDE – Nawoord, p. 279.
.äa
TOHNAUFNAHMEN LYRIKLINE BERLIN
.
ö
Pers
k
Opvallend was de uitgave Keine triste Isolde, een aparte bloemlezing van werk
van tien hedendaagse Vlaamse en Nederlandse dichters, uitgegeven door Jaap Grave,
Jan Konst en Bettina Noak. De tien dichters werden zorgvuldig, speels en uitgebreid
vertaald door acht vertalers, onder wie Duitse dichters en vertaalprofessionals:
na intensieve lectuur zijn er misschien wat verschillen in opzet te ontdekken,
maar dan heb je de gedichten al flink tot je genomen, wat natuurlijk
alleen maar goed is. | Ton Naaijkens in Filter (2008)
l
L
L
L
L
ö