18. & 19. Jahrhundert

Selbstständige Publikationen

A. Houbraken, De grote schouwburg. Schildersbiografieën. Amsterdam: Querido, 1995. ISBN 90 214 0584 9. Griffioen-reeks. Co-Editor: Manfred Sellink.

Fortuna, Fatum en Providentia Dei in de Nederlandse tragedie 1600 – 1720. Hilversum: Verloren, 2003. ISBN 90 6550 745 0.

Handelingen van de Bijeenkomst van Universitaire Docenten Nederlands in het Duitse Taalgebied (Berlijn, 18-20 maart 2004), Münster: Agenda Verlag, 2005. ISBN: 3-89688-246-5. Co-Redakteure: Amand Berteloot und Nicolette Zwijnenburg.

Iedereen is op weg naar de Brandenburger Tor. Nederlandse en Vlaamse schrijvers over Berlijn. Met een voorwoord van A.F.Th. van der Heijden. Amsterdam: J.M. Meulenhoff, 2009. ISBN978 90 290 8455 0 / NUR 309.

Niederländisch-deutsche Kulturbeziehungen 1600-1830. Göttingen: V & R Unipress, 2009.
ISBN 978-3-89971-550-7. Berliner Mittelalter- und Frühneuzeitforschung 7. Co-Redakteure: Inger Leemans und Bettina Noak.

Internetbibliothek niederländisch-deutscher historischer Übersetzungsbeziehungen. Co-Redakteure: Bettina Noak und Johanna Bundschuh-van Duikeren.

Neerlandistiek in Europa. Bijdragen tot de geschiedenis van de universitaire neerlandistiek buiten Nederland en Vlaanderen. Münster: Waxmann, 2010. ISBN 978-3-8309-2382-4 Co-
Redakteure: Matthias Hüning und Tanja Holzhey.

Beiträge an Büchern und in Zeitschriften

‘15 september 1714: François Halma herdenkt in zijn voorbericht voor Rotgans‘ Poëzy diens “donderende en luidruchtige uitspraake” van toneelteksten. Het classicistische toneel van Rotgans en Huydecoper.’ In: M.A. Schenkeveld-van der Dussen (Hauptred.), Nederlandse literatuur, een geschiedenis. Groningen: Martinus Nijhoff, 1993, S. 308-313.

‘Nederlandse literatuur 1576-1754 in de Bibliotheka Gdanska.’ In: De nieuwe taalgids 88 (1995), S. 137-149.

‘Vadermoord en bloedschande: visies op Oedipus‘ vergrijpen tussen 1600 en 1850.’ In: Nederlandse letterkunde 1 (1996), S. 138-155.

‚Theorie en praktijk van de hartstochten: het martelaarsdrama Catharina van Michiel de Swaen.’ In: Spiegel der letteren 38 (1996), S. 113-134.

‘“Vlie ’t geen bespotbaar is”: denkbeelden over beeldspraak in de tragedie rond 1700.’ In: C. van Eck, M. Spies en T. Streng (red.), Een kwestie van stijl. Opvattingen over stijl in kunst en literatuur. Amsterdam: Historisch Seminarium van de Universiteit van Amsterdam, 1997, S. 97-108. Amsterdamse Historische Reeks, kleine serie, 34.

‘Niederländische Literatur in Polen bis 1750.’ In: Auf den Spuren der Niederländer zwischen Berlin und Warschau. III. Symposium der DNG (Deutsch-Niederländische Gesellschaft) 27.-29. Oktober 1995. Berlin, 1997, S. 98-112.

‘“De schuld is zwaar, de straf rechtmatig”: poëtische gerechtigheid in de niet-bijbelse treurspelen van Claas Bruin (1671-1732).’ In: De achttiende eeuw 29 (1997), S. 141-153.

‘De toorn der goden: Meleager en Atalante (1710) van Lukas Schermer.’ In: Literatuur 15 (1998), S. 8-14.

‘Nederlands toneel 1600-1730. Het onderzoek van de laatste twintig jaar.’ In: Tijdschrift voor Nederlandse taal- en letterkunde 115 (1999), S. 201-217.

‘“Om dit treurspel werkzaam en aangenaam in de oogen der aanschouweren te maaken.” Theorie en praktijk van de episode in de treurspelen van Lukas Rotgans, Lukas Schermer en Balthasar Huydecoper.’ In: neerlandistiek.nl 1 (2001), 01.05, 28 S. (Hier zu Rate zu ziehen).

‘“Waar ik gedwongen word als moordenaar te handelen.”Adriaan van der Hoops Hugo en Elvire (1831) en Die Schuld van Adolf Müllner.’ In: Nederlandse letterkunde 11 (2006), S.
23-43.

‘De Weense vertaling (Ignaz Alberti: 1790-1791) van de lyriek van Jacobus Bellamy (1757-1786).’ In: De achttiende eeuw [Themanummer ʻGermanieʼ], 40 (2008), S. 75-86.

‚Tussen Philologie en Kulturvermittlung: Vondelbeschouwing in Duitsland tijdens de tweede helft van de negentiende eeuw.‘ In: Matthias Hüning, Jan Konst & Tanja Holzhey (Hrsg.), Neerlandistiek in Europa. Bijdragen tot de geschiedenis van de universitaire neerlandistiek buiten Nederland en Vlaanderen. Münster: Waxmann, 2010, S. 101-130.

Advertisements