
Foto: Georg van der Weyden ©
L
Laten we onze studenten uitleggen dat we kennis beheren én genereren,
kennis op het gebied van taal en cultuur. Toegegeven, die heeft vaak geen direct rendement,
maar zij maakt dat we onze eigen plaats in de wereld misschien een beetje beter begrijpen.
Of nog wat abstracter: dat we leren vragen te stellen bij die plaats.
„Het gaat om kennis, het beheren en genereren van kennis“
Neerlandistiek, 9. Oktober 2018
Bachelor
Niederländische Philologie
Institut für Deutsche und Niederländische Philologie
Masterstudiengang
Niederlandistik im internationalen Kontext
Institut für Deutsche und Niederländische Philologie
***Masterstudiengang
Angewandte Literaturwissenschaft – Gegenwartsliteratur
.
________________________________________________________
Colleges
De collegebeschrijvingen zijn alleen in de Duitse versie
op de Duitse pagina van deze website beschikbaar.
NEERLANDISTIEK: BIJDRAGES AAN ACTUELE DEBATTEN
,
Het gaat om kennis, het beheren en genereren van kennis
Neerlandistiek |9. Oktober 2018
Over de actualiteit en de zin van ons vak
Neerlandistiek | 13. Oktober 2018
Stop met dat ge-Calimero
NRC Handelsblad | 27. März 2019
Kamerleden, de toekomst van het Nederlands ligt in uw handen
De Volkskrant | 29. März 2019
Vlamingen en Nederlanders denken altijd dat ze een kleine taal spreken
Knack | 2. Juni 2019
‚Onze‘ taal is ook over de grenzen relevant
De Volkskrant | De Morgen | 17. & 20. Juni 2019
Een glas water: internationaal landstaalbeleid
Neerlandistiek | 21. Juni 2019
***************
Waarom studeren Duitse jongeren Nederlands?
Mijn studenten hebben allemaal op de een of andere manier een bijzondere relatie
met Nederland of Vlaanderen. Dat kan familiaal zijn, dat kan amoureus zijn, dat kan
te maken hebben met een vakantiehuisje op Texel of in Zeeland,
sommigen zijn er een keer als au pair geweest, of hebben een scholierenuitwisseling
gedaan. Daarnaast bestaat er een algemene belangstelling voor andere culturen
in Duitsland. En de reputatie van Nederland is positief.
„Typisch holländisch.“ | Interview mit Roger Abrahams | VARAGIDS | März 2016
.
Kunt u een korte beschrijving van uw werkzaamheden geven?
Die zijn hetzelfde als aan Nederlandse universiteiten. Ik heb vier taken, net zoals hoogleraren
in Nederland. Ik moet onderwijzen, besturen, onderzoeken en onderzoek begeleiden.
Dat zijn taken die alle vier op zich eigenlijk al een voltijdbaan zijn,
maar die je toch binnen die ene baan probeert uit te voeren.
En die vier taken voert u uit aan het Instituut voor Duitse en Nederlandse Filologie…
Ja. Ik denk dat we wereldwijd de enige zijn. (Lacht) Er is geen ander instituut als dit. Het is toch
een beetje de olifant en de muis. We hebben zestien hoogleraren Duits
en twee hoogleraren Nederlands, maar we zijn wel politiek correct:
Institut für Deutsche und Niederländische Philologie.
„Geen Nederlands Nederlands.“ | Interview mit Eefje Boef | NEDWERK | Winter 2013
***************
Veel extramurale neerlandici onderscheiden zich door de vergelijkend-contrastieve bril
die velen van hen dragen. Zowel taal- als letterkundigen bezien het Nederlands
en de literaire traditie van Nederland en Vlaanderen speciaal ook in het perspectief
van de taal en de literatuur van het land waarin ze werkzaam zijn. Verbazing hoeft dat
niet te wekken, want hun studenten en buitenlandse collega-docenten benaderen
de Nederlandse taal en de Nederlandstalige letterkunde als vanzelf vanuit een eigen,
nationaal bepaald referentiekader. Op zeker moment derhalve verdiepen
alle expat-docenten zich in de taal en literatuur van hun nieuwe vaderland
en dat vindt veelal een directe neerslag in hun onderzoek.
Jan Konst, „Expat-Neerlandici en hun wetenschappelijke profiel.“ | VAKTAAL | Herbst 2003
x
x
x
x
x